Onze Groep
Geschiedenis Irmin

In de speciale jubileumuitgave van de Irminplus in 1995 stonden we natuurlijk
stil bij de geschiedenis van de groep. Een hele klus, omdat er
vooral uit de beginperiode weinig bekend is. In 1975 heeft Martijn Stöfsel de geschiedenis van de welpen uitgezocht en in
1980 heeft Theo de Vries indertijd de geschiedenis van de
verkenners uitgezocht.
Met behulp van hun stukjes uit de Irminplus en nieuwe informatie
die de afgelopen weken door oud-leden zijn aangedragen zal ik de
geschiedenis van onze groep gaan vertellen. De informatie van de
laatste 20 jaar komt uit het Ir-plus archief en mijn eigen
herinneringen.
Het verhaal is aangevuld met leuke herinneringen die door
verschillende oud-leden naar aanleiding van ons verzoek zijn
ingestuurd.
De naam IRMIN
Irmin was een heidense Germaanse god die in de bossen op de Veluwe huisde. Hij had volgens de overleveringen een heiligdom op een heuvel in het bos bij Drie. Men vermoedt de Driesche berg. De bossen bij Drie werden dan ook de bossen van Irmin genoemd oftewel zoals men dat toen noemde, het Loo van Irmin, kortweg Irminloo. Later werd het dorp Ermelo er naar vernoemd, dus het lag wel voor de hand dat men onze groep later de Irmingroep noemde.Toch heeft onze groep een aantal jaren de Reynoud van Gelre-groep geheten, maar toen men erachter kwam dat dit helemaal niet zo’n aardige man geweest was, is de naam veranderd in Irmin. De stichting scouting Irmin heeft deze naam tot 1975 nog gedragen.
Irmin door de jaren heen
1945 Op 6 juli 1945 werd onze groep opgericht en wel door de dames Lassche, Braamburg en Luiting en de heer Suttorp. De dames Lassche en Braamburg gingen zich bezig houden met de welpen, mevr Lassche werd Akela, en de troep kreeg als leiding Hopman Suttorp. Mevr Luiting trok zich terug, om zich later in het woelige padvindersleven te storten.1946 Van de welpen is vanaf 1946 vrijwel constant een logboek bijgehouden. Hierdoor kunnen we een heleboel over de horde te weten komen. Van de verkenners zijn er van voor 1952 geen logboeken bekend en dit is dan helaas ook een onbekende periode voor ons. De groep beschikte in het begin nog niet over een eigen onderkomen. Men kwam op zaterdag bij de Hopman en de Akela thuis bij elkaar. Er waren toen, vlak na de oorlog, nog weinig fietsen dus trokken de horde en de troep lopend de bossen in. Bij slecht weer werd er gewoon geen opkomst gehouden omdat er geen ruimte was. In het logboek wordt zelfs een middag verhaald, waarop de welpen lopend heen en weer gingen naar een soort districtsmiddag in Harderwijk. Dat is meer dan 10 kilometer op 1 middag!
1947 In die tijd kende men ook al de gewoonte om ieder jaar op zomerkamp te gaan. Zo, lezen wij, gingen de welpen in 1947 met een vrachtwagen van bakker v.d. Vegt naar Nunspeet toe waar een zomerkamp gehouden werd. Twee verkenners gingen dan mee om te koken.
In 1948 was het kamp in Hulshorst.
In 1949 wordt Akela Lassche ACD (algemeen districts coördinator?,red), en neemt Akela Toeter de Horde over.
Rakska Braamburg is inmiddels getrouwd en is daardoor uit de groep verdwenen.
1950 Dit jaar gaat de Horde op zomerkamp naar Putten waar zij op een weiland bivakkeren. Akela Toeter die de horde vanaf 1948 leidde, houdt er in 1951 mee op. Akela Lassche komt nu weer terug. Er verschijnt nu ook een man bij de leiding, de Hr. van Eikenhorst die de naam Hathi krijgt. Helaas moest deze in 1952 ook met de padvinderij stoppen omdat hij in dienst moest. Verder is er nog Bagheera Keur, die haar intrede doet om jarenlang actief mee te werken aan de horde.
De horde bestond in die tijd uit drie volledige nesten, het witte, zwarte en rode nest.
Vroeger moest men elke middag contributie meenemen die vòòr de opkomst aan de Akela betaald werd.
Op Groot-Emaus bestond toen ook een padvindersgroep, de van Arkelgroep die in 1975 werd opgeheven. Dit was een grote groep met twee hordes en 1 troep. Vele padvinders activiteiten van de horde en de troep werden dan ook jarenlang trouw samen gedaan, zoals: de Kerstviering en het Sinterklaasfeest, waarvoor dan zalen op Groot-Emaus beschikbaar waren.
Eind 1951 klinkt er heuglijk nieuws in de Ermelose padvinderswereld. De Irmingroep krijgt een hordehol en het is eindelijk afgelopen met het eeuwige gezwerf van zomerhuisje naar zomerhuisje. Dit hordehol annex troephuis was een stenen schuur die zich op het terrein van J.Pul op de Zandkampweg bevond.
In 1952 wordt het zomerkamp van de welpen in Loenen gehouden. Er heeft zich inmiddels weer een verandering bij de hordeleiding voorgedaan; in de plaats van Hathi van Eikenhorst, die in dienst moest, komt nu de dochter van Akela Lassche, die de rimboenaam Chil krijgt.
Grote ontsteltenis is er op een middag, als blijkt, dat het hordehol bezet is. Het zit vol met kuikens, wat ook de oorspronkelijke bestemming van de schuur is, en de padvinderij kan naar zijn onderkomen fluiten. Gelukkig wordt er al snel een nieuw hordehol aangeboden: een kippenschuur op de Volenbekerweg.
De troep bestond in die tijd uit drie patrouilles: wolven, vossen en leeuwen. Er waren twee vaandrigs, Houwing en Rekker en de hopman.
Vaandrig Houwing werd in 1953 hopman. Toen kwam er ook een vaandrig Eikenhorst bij.
De troep had in die tijd al een troephuis. Het was een oude schuur of een zomerhuisje.
Men kwam daar iedere zaterdagmiddag bij elkaar om half 4. Meestal werd er pas om 4 uur geopend omdat er geen leiding was, die moest dus gehaald worden.
De patrouilles draaiden toen heel erg zelfstandig, ze maakten hun eigen programma’s. Vele zaterdagmiddagen werden er toen ook zonder leiding gehouden. Na de opening en de inspectie trokken de verkenners de bossen in, want het troephuis was veel te klein om de programma’s daar te houden. Ze maakten lange tochten of er werden vuurtjes gemaakt om stokbrood, banaan met chocolade (dat kenden ze toen ook al) te bakken of aardappels te poffen. Iedereen droeg een hoed, korte broek (in ieder jaargetijde) en had een verkennersstok van ongeveer 2 meter.
In 1953 was er een installatie zonder hopman, omdat die ziek was en zonder ouders, omdat er voor hen geen plaats was in het troephuis.
Bij de welpen vertrekken dit jaar Akela en Chil Lassche uit Ermelo. Bagheera Keur wordt nu Akela en een gezinslid wordt Wontholla Keur. Verder komen er een Bagheera Vogel en een Raksha Haaksma bij de Horde. Er waren wederom problemen met de behuizing en in dit jaar betrekt de horde een kampeerhuisje aan de Drieerweg.
Eind 1953 komt Chil Makaske bij de horde.
Eindelijk krijgt dan de Irmingroep in 1954 een eigen vast onderkomen aan de Kalkoenweg. Ze waren het heen en weer gezwerf van zomerhuisje naar zomerhuisje beu. Het geld hiervoor (f.4000,=) kwam bijeen doormiddel van een renteloze obligatie lening. Het troephuis werd grotendeels door de verkenners gebouwd.
Dhr Luiting werd beheerder van dit nieuwe clubhuis.
In 1956 laten zich weer nieuwe gezichten in de horde zien, n.l. mevr. Luiting en mevr. Baayen. Helemaal nieuw zijn deze gezichten niet want mevr. Luiting heeft ook al bij de oprichting meegeholpen. Mevr. Luiting werd Akela en Mevr. Baayen werd Hathi. Verder was er mevr. H. Garderenbroek, die de functie van Raksha op zich nam. De hordemiddag was een woensdagmiddag. De middag begon met het ophalen van de contributie. Hierna was de horderoep: Akela stond midden in het hordehol of op het veldje bij de raatsrots. Alle welpen moesten zich in de buurt verstoppen; Akela wachtte net zolang totdat iedereen goed verstopt was. Zij ziep dan: Yalehiehieee! Alle welpen antwoorden haar dan met Hieeee! terwijl ze uit hun schuilplaatsen tevoorschijn kwamen en op Akela afstormden. Daarna stelden ze zich in nestformatie rond Akela op en de horde-opening begon, gevolgd door de vachtenschouw. Hier werd gecontroleerd of je o.a. een potlood, papier, pleister en een touwtje bij je had en je je handen wel had gewassen e.d. Het nest dat aan de vachtenschouw voldeed kreeg een lintje of een leertje, en in de loop der tijd kreeg het nest met de meeste lintjes of leertjes een prijs. Er waren in deze tijd vier nesten: Zwart, Grijs, Wit en Rood. Een opmerkelijk feit is dat op 10 oktober 1956 de eigen groepsvlag werd aangeboden. Deze vlag bestaat nog steeds, en is dus al bijna 40 jaar oud.
Tot 1956 weten we niets over de zomerkampen van de verkenners. In dit jaar ging de troep op zomerkamp naar Rijssen (Ov.) Het vervoer ging met de vrachtwagen. De verkenners moesten per persoon f.15,= betalen, de ouders vonden dat erg hoog. De verkenners konden dit geld samenbrengen door oud papier te verzamelen.
Van de opbrengst mochten de leden 15% voor zichzelf houden, de rest was bestemd voor het troephuis. Dus van iedere gulden kon hij 15 cent in zijn spaarpot stoppen. Het kampgebeuren ging toen ook al in thema.
Voor dat jaar kreeg de Irmingroep een verzoek van “Interpol” om een veedievenbende op te rollen, die zeer tot last van de omwonende boeren in de landstreek Twente opereerden.
In 1957 werd het troephuis weer verbouwd, er werd een waslokaal achter aan het troephuis gebouwd. Het zomerkamp van 1957 werd gehouden op het eiland Texel (Den Koog) waar men naar hartelust kon kamperen zonder enige last te hebben van vakantiegangers, die er in die dagen maar in geringe aantallen waren.
De hopman was de heer Laros en de Oubaas was de heer Paalberends. Er gingen in totaal 24 verkenners mee. Er was eigenlijk geen thema, alleen een aantal spelen die verband met elkaar hadden. De verkenners moesten in opdracht van de Amsterdamse Recherche een opiumsmokkelaarsbende, die op Texel zat, ontmaskeren. De welpen gingen dit jaar op zomer kamp naar de padvindersboerderij “De Laarhoeve” te Ommen. Dit zomerkamp wordt in een chinese sfeer gehouden: alle welpen waren verkleed als chinezen. Dit is het bein van de jaarlijkse terugkerende traditie va de welpen-zomerkampen, verkleed in de klederdracht van een bepaald land. Aan het einde van het jaar werden er fruitbakjes gemaakt voor “zieken en eenzamen”, die door de welpen worden weggebracht. Een zeer leuke bezigheid.
We zijn in 1958 aanbeland. In het Ermelo’s Nieuwsblad wordt “een oproep aan alle energieke jongelui in Ermelo” geplaatst, waarin men nieuwe leiding vraagt. In januari wordt er een grote oud-papier-aktie door de welpen en de verkenners gehouden. Op 1 middag halen zij 2200 kilo op, waar zij toen f.1100,= voor ontvingen. Sint. Jorisdag werd toen ook gevierd. Men was om 7 uur in de morgen op het troephuis waar geopend werd. Men ging dan in uniform naar school en kwam dan op de avond weer terug naar het troephuis waar dan een kampvuur was.
In mei wordt er een districtsrally gehouden, waarbij alle welpen in optocht door het dorp gaan, voorafgegaan door de padvindersdrumband uit Amersfoort. De Irmingroep was in deze jaren heer erg actief op districtsniveau. Dominee Graafstal was oubaas van de Irmingroep en was districtscommissaris. Samen met hopman Laros brachten zij geregeld een districtsblaadje uit. In juli gaan de welpen weer naar de padvinderboerderij in Ommen met als hoogtepunt de Olympia (sportdag), waar alle welpen verkleed aan deelnamen.
De verkenners gingen in 1958 op zomerkamp naar de Poppe, gemeente Lutte (bij Oldenzaal). De leiders die meegingen waren hopman Laros en R. Sybrandy en nog twee voortrekkers. De verkenners gingen op de fiets naar de Lutte. In de logboeken komen we alle rekeningen, fouragelijsten, brieven en menu’s tegen. Zo lezen we dat ze elke dag havermout en karnemelk aten. Het brood koste in die tijd maar liefst 44 cent. Dit jaar wordt ook het troephuis weer verbouwd. Er werd een welpenlokaal naast het oude gebouw neergezet. Het oude gebouw werd helemaal voor de verkenners.
Aan het einde van het jaar komen alle welpen en verkenners uit het district samen in een zaal op Groot Emaus om daar gezamelijk het Kerstfeest te vieren.
In 1959 gaan de welpen op zomerkamp naar Noordwijk aan Zee, waar zij een prachtig kamp hadden, dat als thema zeerovers had.Alle welpen waren verkleed als zeerovers. Alles werd op zijn zeerovers gedaan. Zo had men een monsterrol, matrozenkoor en waren er geen nesten maar maatschappijen zoals bijv. “De Stoomvaart Mij. Irmin” en de “Irmin- Amerikalijn”.
Nogmaals een verbouwing dit jaar. Achter het vorig jaar gebouwde nieuwe welpenlokaal kwam een keuken en staflokaal.
In 1960 waren er bij de verkenners 4 patrouilles; Houtduiven, Valken, Spechten en Spreeuwen. In maart neemt hopman Laros afscheidt van de Irmingroep omdat hij naar Canada verhuist. Zijn taak word tijdelijk overgenomen door Vaandrig Rekker. De patrouille Houtduiven, geleid door Marty Luiting, veroverden een eerste plaats op de Districts Patrouillewedstrijden in Putten, zodat ze werden uitgezonden naar de Landelijke Patrouillewedstrijden in Ommen. Van de 48 patrouilles wisten zij beslag te leggen op een eervolle vierde plaats. In mei organiseerde de van Arkelgroep een districtsrally, de jubileumbeker werd gewonnen door de Irminners. Het verkenners zomerkamp ging naar het Noord-Hollandse Laren.
De welpen gingen dit jaar weer op zomerkamp naar Noorwijk aan Zee. Het was een Perzisch kamp. Alle welpen hadden van hun moeders een pakketje meegekregen waarin perzische kleren zaten die de moeders stiekum gemaakt hadden. Dat was een prachtige verrassing en het was dan ook een zeer geslaagd kamp.
In
1961 won de patrouille Houtduiven voor de tweede maal de Districts Patrouillewedstrijden, maar in Ommen kwamen zij niet
verder dan de 24ste plaats. Het thema van het welpen zomerkamp
was dit jaar de riddertijd. Iedereen was getooid in volledige
wapenuitrusting met zwaard, helm en schild. De horde is
inmiddels uitgegroeid tot 6 nesten.
In het begin van de jaren ‘60 ging het niet zo goed met de
verkennerstroep. De patrouilles slonken tot 3 en de patrouilles
Valken, Houtduiven en Sperwers telden gezamenlijk op een gegeven
moment nog maar 12 verkenners.
Begin
1962 werd Marty Luiting
geïnstalleerd tot vaandrig. Dit
jaar werd er geen zomerkamp gehouden. De welpen hadden wel een
zomerkamp in Ommen met een Schots thema.
In april 1963 vonden de patrouillewedstrijden plaats in
Harderwijk. De Valken behaalden een 7de plaats, de Houtduiven
een 10de.
Het zomerkamp van
1963 van de verkenners ging naar Ada’s Hoeve
in Ommen. Men liep toen al een hike van een paar dagen en
bereidde de laatste dag van het kamp het eten op houtvuurtjes.
Het vervoer ging met een vrachtwagen. Als afsluiting van het
jaar hield men een bazaar in het troephuis.
In
1964 wordt dhr. Visser hopman, hij kwam als eerste met de
verkenners in aanraking toen hij op een zaterdagmiddag enige jiu-jutsi-technieken demonstreerde.
In juni was er een programma met de zeeverkenners. Er werden
diverse vlotten gebouwd. Het zomerkamp ging wederom naar Ommen.
In
1965 ging de troep op pinksterkamp naar Lunteren. Voor het
zomerkamp wordt de vierde patrouille weer in ere hersteld; nml.
de Zwaluwen. In 1965 bivakkeerden de verkenners ook op Ada’s
Hoeve in Ommen.
Er werden ondermeer roeiwedstrijden gehouden op de Vecht. Ook de
welpen gingen dit jaar weer naar Ommen. In de
padvindersboerderij hadden zij een indianenkamp. Dit moet een
machtig kamp geweest zijn. Iedereen liep in indianenkledij rond.
Zelfs de wigwams en de squaws waren aanwezig.
De vredespijp werd het hele kamp gerookt, terwijl de strijdbijl
gedurende het kamp gelukkig begraven bleef. De verkenners
hielden in het najaar een B.B.-oefening en liepen de Gemsenmars
in Ermelo.
In
1966 word de contributie nog steeds contant per maand geïnd.
Dit gaf natuurlijk een ontzettende rompslomp, zodat het niet
lang duurde of een girorekening wordt erbij gesleept. De
Sperwers mochten dit jaar naar de Nationale
Patrouillewedstrijden.
Marty Luiting werd hopman van de verkenners. Hopman Visser werd
groepsleider. In juni werden in het zwembad van Groot-Emaus de
distr. zwemwedstrijden gehouden waar hopman Visser en hopman M.
Luiting een eerste plaats wegsleepten. Het zomerkamp ging voor
de vierde maal naar Ommen. Een sportdag, 2-daagse hike, vlotten
bouwen en pionieren stonden op het programma. In sept. werd weer
de Gems-mars gelopen.
Herinnering van Klaas Bil: De kampdoop
Wie voor het eerst met de verkenners op zomerkamp ging, werd
gedoopt. Mijn eigen kampdoop, in 1965 of 1966, was vrij simpel:
om vijf uur ‘s ochtends werden we ruw gewekt en door het
bedauwde gras naar de Vecht gedreven (we kampeerden op Gilwell
Ada’s Hoeve bij Ommen). Daar hield iemand van de leiding een
toespraak waarin wij tot lid van de VroWaTra werden benoemd, de
Vroege Water Trappers. En daarna de Vecht in met pyjama en al,
brrr.
In latere jaren werden kampdopen duivelser, en met name de
branieschoppers werden stevig aangepakt. Ik herinner me een
geblinddoekte tocht door het bos, midden in de nacht gewekt
natuurlijk met slaperige koppen. Bij een eng verlichte plek
moest de blinddoek af en zag de dopeling een al dan niet
gemaskerde man staan in een lange mantel.
Een onverbiddelijk strenge stem: “Heb je in dit kamp wel goed om
je heen gekeken?”
“Ja meneer.”
“En wat heb je gezien?”
“??”
“Je hebt gezien dat iedereen een rondje in zijn buik heeft,
jongen. Het teken van de Orde van VroWaTra.”
“??”
(Met stemverheffing): “En als je dat niet gezien hebt, DAN HEB
JE NIET GEKEKEN, JONGEN!
En dat rondje gaan wij bij jou nu ook maken.”
Een helper met een tang en een Primus petroleum-vergasser had
inmiddels een tentpen met een rond oog roodgloeiend gemaakt, of
nog liever witgloeiend. De strenge man bewoog in de nachtelijke
duisternis de gloeiende tentpen tergend langzaam naar de blote
buik van het slachtoffer tot deze de gloeiende hitte van heel
dichtbij voelde. Vlak voor het moment suprème gooide een andere
helper een waterzak vol koud water vanuit een boom over het arme
slachtoffer heen, waarmee deze was toegetreden tot de Orde van
VroWaTra.
Op de patrouillewedstrijden van
1967 werden de Houtduiven derde. In juni werd het troephuis
vernieuwd, want er waren problemen met de schoorsteen en het dak
lekte, zodat de groep een nieuwe schoorsteen en een nieuw dak
kreeg. Het zomerkamp van 1967 werd gehouden in Ruurlo. De
verkenners gingen er met de fiets heen. Het zomerkamp van de
welpen stond dit jaar in het teken van zigeuners.
In 1967 wordt ook bekend dat Akela Luiting en Hathi Baayen
binnenkort met de padvinderij gaan ophouden, er wordt dan
koortsachtig naar nieuwe leiding gezocht. Gelukkig geven zich
drie mensen als leiding op, t.w. de heer en mevr. Kernkamp en
mevr. de Lange. Op 11 november 1967 is het grote afscheidfeest
van Akela Luiting en Hathi Baayen. Akela Luiting heeft
meegeholpen de Irmingroep te stichten en daarna de padvinderij,
met name de welpen, gedurende 15 jaar (!) gediend, terwijl Hathi
Baayen 6 jaar de padvinderij van dienst is geweest. Het afscheid
wordt een grandioos feest. Akela en Hathi installeren voor het
laatst een aantal welpen. De rest van de welpen heeft een
toneelstukje en een aantal liedjes ingestudeerd, terwijl er ook
een “modeschow” is van de kampkleding, die in de Griekse,
Perzische, Indiaanse en Schotse kampen werden gedragen. Akela
krijgt een bord met de inscriptie “Impeesa”. De leiding ging dus
over in handen van mevr. en dhr. Kernkamp en mevr, de Lange die
de functies van respectievelijk Akela, Baloe en Raksha kregen.
Eind 1967 viert de groep gezamelijk het Kerstfeest.
Herinneringen van Martijn Stöfsel:
Mijn scoutingtijd (padvinderstijd zou ik toen zeggen) herinner
ik me eigenlijk als één lange plezierige tijd, waarin je met
vallen en opstaan opgroeide en veel ruimte om te experimenteren
had. Er waren ook momenten die een enorme indruk achtergelaten
hebben.
- Het overlijden van een mede welp, Peter, op 9-jarige leeftijd.
De eerste confrontatie met de dood. Met de horde in korte broek
en wit overhemd op de begraafplaats.
- Het eerste zomerkamp met de welpen is het zigeunerkamp in
Ommen. Als 7-8 jarig jongetje was het een hele stap zo’n hele
week zonder ouders.
- Ik herinner me hoe het oude troephuis van voor de verbouwing
in 1973 , het water uit de (viezige) keuken dat altijd een
eigenaardige sterk ijzerhoudende smaak had.
Verder is het een brij van plezierige herinneringen, die zich
opdringt..... (zie verdere herinneringen)
In februari 1968 werd bij de verkenners een vijfde patrouille
opgericht, een hoogtepunt dus Deze kreeg de naam Antilopen. In
maart hadden de welpen en de verkenners een gezamenlijke kermis,
de opbrengst kwam ten goede aan het revalidatiecentrum voor
geestelijke gehandicapten te Harderwijk. Het zomerkamp van de
verkenners ging naar de Achterberg bij Arnhem. Op het bezoek
stond o.a. een bezoek aan het Airborne museum in Arnhem.
Het jaar
1969 begon al meteen met een grote happening: Het
centrum voor geestelijke gehandicapten werd geopend en de groep
bood daar bij de opening een vlag aan. Dat was een hele
gebeurtenis. De welpen kregen er zelfs vrij van school voor. Ene
mevr. de Baar heeft in deze tijd de leiding ook nog een tijdje
geholpen.
Op 22 februari 1969 werd de verjaardag van Baden-Powell gevierd
met de gebruikelijke Boerenkoolmaaltijd. Het welpenkamp vond dit
jaar plaats in Staverden. De verkenners gingen weer naar Arnhem
en bezochten de Hoge Veluwe en reden een fietshike. Tijdens een
avondspel hoorden de verkenners de 1e maanlanding op een
draagbare radio. Ter afsluiting van dit jaar vierden alle
padvinder(st)ers, welpen, kabouters en zeeverkenners uit het
district gezamenlijk Kerstfeest in Harderwijk.
Herinnering van Klaas Bil: Een koud winterkamp
Eind zestiger jaren zagen de Irminscouts er geen been in om ook
‘s winters weekendkampen te houden. Ergens in februari stond een
weekend gepland achter Staverden. Zaterdagmiddag zouden we
vertrekken. Op de fiets natuurlijk. Die ochtend sloeg het weer
echter volkomen onverwacht om: een snijdende oostenwind joeg het
kwik tot ver onder het nulpunt. Normaal werd iedereen geacht bij
een weekendkamp mee te gaan (bijzondere omstandigheden
daargelaten), maar nu gebeurde iets bijzonders:
de leiding wilde het kamp niet door laten gaan maar op
aandringen van een paar die-hards werd het een vrijwillig
weekendkamp. Een stuk of acht jongens fietsten in de bittere kou
naar een open plek in de buurt van Kasteel Staverden en zetten
daar de tentjes op na plaatselijke verwijdering van ca 15 cm
sneeuw. Water hadden we alleen door sneeuw te smelten op
gasbrandertjes (of hadden we alleen nog Primus
petroleum-vergassers?) die het nauwelijks deden door de kou. De
belangrijkste activiteit was het vergaren van hout voor een vuur
in het midden van het kampje, dat ook in de nacht brandende werd
gehouden. Je had in je slaapzak toch al je kleren aan dus kon je
er ook wel even uit om niet dood te vriezen. Klaas Bil had een
geijkte thermometer meegenomen die in de vroege ochtend -15,2°C
aanwees. Het voelde wel goed om dat meegemaakt te hebben.
M. Luiting is nog steeds Hopman als we het jaar
1970 ingaan. We
merken op, dat rond de jaarwisseling twee patrouilles verdwijnen n.l. de Valken en de Sperwers. In januari brachten de verkenners
een bezoek aan het BB-hoofdkwartier in Harderwijk (nu de C.A.I.).
Er werden ondermeer de commandokamer, de telefoon- en
elektrische centrale en de opslagplaatsen voor mobilofoons en
radioapparaten bezocht. Het zomerkamp viel samen met
Jongensstad ‘70 in Ommen. Dit was een enorme padvindershappening
ter gelegenheid van het 60 jarig bestaan van het N.P.V.(Nederlandse
Padvinders Vereniging) zodat ze daar heen gingen. Het was een
groots en geweldig kamp. Hopman Luiting brak echter wel zijn
been op dit kamp.
Raksha de Lange moest wegens verhuizing met de padvinderij
stoppen, maar het echtpaar Nieboer kwam daarvoor in de plaats.
In
1971 gingen de verkenners voor het eerst op zomerkamp naar
het buitenland. Het zomerkamp werd gehouden in het Belgische Eupen. De troep -16 verkenners en 4 leiders- ging er per
vrachtwagen heen. Op het zomerkamp werden de nieuwe verkenners
geïnstalleerd en ook dhr. Staals als de toekomstig nieuwe
hopman. De hike die door de Hautes Fagnes liep, stond in het
teken van een aardbeving vlak bij het kampterrein. Mede doordat
er geen drup regen viel was het eerste buitenlandse kamp
bijzonder geslaagd.Het enige nadeel was dat er een enorme muggen
en vliegenplaag was dit jaar. Sybbe Visser was onherkenbaar na
een aanval van muggen tijdens de hike. De patrouille Antilopen
wonnen de hike en veroverden de kampprijs. Na het zomerkamp nam
Hopman Staals de functie van hopman M. Luiting over van de
troep. M. Luiting werd groepsleider.
De welpen gingen deze jaren ieder jaar op kamp in Staverden bij
het buurthuis.
Dit jaar vierde de groep ook het 25-jarig jubileum. Er werd dan
ook een open dag gehouden. Een oproep in het Schilders
Nieuwsblad deed veel padvinders naar het troephuis bewegen.
Vertegenwoordigers van padvindersgroepen uit Putten, Ermelo,
Harderwijk, Lelystad, Nunspeet, en ‘tHarde en tevens ook de
oprichters Akela Luiting, Akela Lassche, en de Hoplieden van
Eikenhorst en Rekker en vele genodigden kwamen op die middag.
Rondom het troephuis waren vele stands ingericht zoals een stand
met foto’s en dia’s over zomerkampen e.d. De welpen voerden
onder leiding van akela Kernkamp een groot Apenspel op. Een
ludiek postenspel, kabelbaan, een barbecue en zelfs een bar
gaven aan deze feestmiddag een boeiend karakter. Ze kregen vele
cadeaus, waaronder een hike-tent, materiaal voor handenarbeid,
cadeaubonnen en bijlen. Na het jubileumfeest merken we dat er
veel samenwerking komt tussen de verschillende groepen en de
Irmin. Er waren diverse gezamenlijke programma’s met de
Ragay-groep en de TAWEB.
Herinnering van Klaas Bil: Zomerkamp in Eupen
In 1971 was het, meen ik, dat de troep voor het eerst in het
buitenland op zomerkamp ging, en wel in Eupen, in de Belgische
Ardennen. Met Pinksteren of daaromtrent was een verkenningstocht
gemaakt door de leiding en met een boer afgesproken dat we op
zijn hooiland mochten kamperen. In juli gingen we dan, met een
vrachtwagen die niet ingericht was voor personenvervoer, dus de
zeilen aan de achterkant moesten dicht en geen koppen naar
buiten steken. Stanley Moes moest onderweg nodig pissen en
vroeg, ja smeekte, om hiervoor te stoppen. De communicatie naar
bestuurder en bijrijder ging niet al te gemakkelijk door een
klein glazen ruitje in het lawaaiige voertuig, temidden van 20
jongens die door het hilarische van Stanley’s verzoek flink aan
het joelen waren. “Dan doe ik het zo naar buiten” dreigde
Stanley. Dat geloofden we niet, maar jawel, Stanley knoopt zijn
gulp alsmede het vrachtwagenzeil open en zeikt bij 80 km/u. De
helft van de zeik sloeg door de turbulentie terug in zijn
gezicht, maar dat nam hij graag voor lief. Het luchtte flink op!
In elk zomerkamp in die dagen hoorde een tweedaagse hike. In dit
geval was de overnachting bovenop de Belgische Hoge Venen (Haute
Fagnes), een drassige hoogvlakte die werkelijk vergeven was van
de kleine kriebelvliegjes. Ze kropen in je kleren, in je tent en
in je ogen, oren, neus en mond. Sommige jongens bleven redelijk
stoicijns, maar er waren er ook die helemaal over de rooie
gingen.
Ze werden kompleet ontoerekeningsvatbaar en begonnen de boel
kort en klein te slaan in een vergeefse poging de beestjes af te
schrikken of ze schreeuwden constant “Godverdomme,
godverdomme!”. Een aparte belevenis, kon je wel zeggen.
In februari
1972 hielden de
verkenners een winterkamp in een militair oefendorp op
schietterrein “”de Harskamp”.
En toen na vele maanden van voorbereiding het langverwachte
zomerkamp in Okehampten en de mini-jamboree in Torbay, beide in
Engeland. Ze kampeerden in het troephuis van een Engelse groep.
Ze deden met deze groep, de First Okehampten Scout Group, vele
gezamelijke programma’s zoals hiken, sporten en bergbeklimmen.
Erna kwam de Jamboree in Torbay, waar 2500 buitenlandse scouts
deze gebeurtenis hebben meegemaakt. Hopman Staals kwam een oude
vriend uit de oorlog tegen, het was een geweldig kamp.
Na het zomerkamp werd het troephuis, dankzij een fikse subsidie
van de gemeente verbouwd en vernieuwd. Er werd een geheel nieuwe
keuken, staflokaal (nu damestoilet), toiletruimte met daarbij
een douche (nu herentoilet) en een stores (nu beverlokaal)
gebouwd. Het in gebruik nemen van het gemoderniseerde troephuis
gebeurde tijdens een ouderavond over het komende zomerkamp,
tevens werden er nieuwe verkenners geïnstalleerd.
Herinnering van Siebe Visser: Uitwisseling met een Engelse
scoutinggroep in Zuid-Engeland in de omgeving van Revonshire.
Wij zouden twee weken bij de familie van een scout logeren. Onze
familie bleek een engelse dierenarts, die tevens kunstenaar was,
te zijn.
Achteraf bleek dit een van de leukste kampen geweest te zijn die
ik ooit heb meegemaakt.
Na twee weken logeren hadden we nog een week mini jamboree waar
we met diverse scouts uit verscheidene landen onze activiteiten
hadden.
Wat opviel was hoe relaxed de Hollanders waren in hun doen en
laten. Veel strenger ging het bij de Amerikanen en de Engelsen.
Wij vonden dat wel “amusing”. Bij een uitje naar een havenstad
moesten we met engelse scouts in één bus. De Engelsen hadden de
gewoonte om zwaar te ontbijten (spek en eieren). Ze vlogen als
eersten de bus in om maar achterin te kunnen zitten. De bus was
nog geen 5 min. onderweg of de eerste kwam al naar voren om te
kotsen. Hopman Staals gaf de Engelse Hopman, die de jongen naar
buiten begeleidde, een sigaretje als sterkte. Uiteindelijk heeft
dat ritje hem een pakje sigaretten gekost met al dat gekots.
Affijn 3 onvergetelijke weken.
Op de nieuwjaarsreceptie van
1973 werd bekend gemaakt dat er een
stam opgericht zou worden.
6 januari 1973 was de oprichtingsvergadering van de Thri-stam,
genoemd naar het heiligdom van de god Irmin. Bernard Luiting
werd de “Jongbaas” van deze stam en Klaas Wijchman werd
stamleider. Deze maand kwam ook de fusie van de diverse
landelijke scoutingverenigingen tot stand. In februari van dit
jaar hebben de verkenners voor het eerst een gezamenlijk
weekendkamp met de TAWEB. Het aantal patrouilles steeg naar 4.
Naast de Houtduiven, Antilopen en Houtduiven werd de patrouille
Valken weer in ere hersteld. Bij de districts
patrouillewedstrijden werden de Valken en de Antilopen resp.
derde en vierde.
Het pinksterkamp in Nunspeet (PiKaNu) stond geheel in het teken
van "die goede oude tijd". Het kamp werd dan ook PiKaTOEN
genoemd.
Tijdens het zomerkamp kwamen de Engelse scouts uit Okehampton
hierheen om hun zomerkamp met de Irmin te houden. Dit gebeurde
op Ada’s Hoeve in Ommen.
De Irminners gingen daar op de fiets heen, de engelse scouts met
auto’s van ouders. Het hele kamp werkte men samen zoals een
gezamenlijke hike en sporten. In november werd in Amersfoort het
landelijke bureau van Scouting Nederland geopend, waar ook de
Irmingroep op deze feestelijke gebeurtenis aanwezig was. Ook de
toenmalige koningin Juliana was daarbij.
Deze maand kwam ook voor het eerst de Irminplus uit. De
Thri-stam gaf dit blad iedere maand uit. Sinds het uitbrengen
van de Irminplus krijgen we een enorme hoeveelheid informatie
over het wel en wee van de Irmingroep. We blijven ons echter
beperken tot de hoogtepunten.
Ook in
1974 deden er een aantal verkenners mee aan de H.I.T. te
Harderwijk. Martijn Stöfsel en Bram van Beek behaalden een
eerste plaats bij de zwervershike. Het verkenners zomerkamp van
1974 vond plaats in Zuid-Limburg, om precies te zijn in Brunssum.
Het kamp zou 2 (!) weken duren en de fietsen waren dan ook
meegegaan. Voor onze toenmalige hopman Staals was het dubbel
plezierig. We kampeerden immers in de streek waar hij zelf
gewoond had. Het kampeerterrein lag aan de rand van de hei,
vlakbij een oude mijn. Het grappige was dat als je het paadje
naast ons tentenkamp overstak je in de gemeente Heerlen stond.
Er ontstonden uitdrukkingen zoals “even naar Heerlen gaan”, wat
betekende dat je even een plasje ging doen. De tweede week kwam
toenmalig welpenleider Frits Nieboer een weekje kijken. Na het
zomerkamp zou hij de taak van hopman overnemen van hopman Staals.
Tijdens het kamp was er een fietshike, een loophike en een
nachthike, waar alle drie de patrouilles verdwaalden. Rob
Boerman werd aangehouden en uitvoerig gefouilleerd door de
Duitse grenswacht. Hij liep namelijk aan de Duitse zijde van een
riviertje. De welpen hadden dit jaar een zomerkamp bij het
troephuis met o.a. als programma een bezoek aan het dierenpark
Amersfoort.
In september nam hopman Staals afscheid van de troep. Hij werd
groepsleider omdat Marty Luiting als groepsleider afscheid van
de groep nam. Hopman Nieboer nam het van hem over.
Eind december werd er een begin gemaakt met de beroemde
uitstapjes van de Irminleiding en stam. De reis ging naar Parijs
en er werd geslapen in een woonboot op de Seine.
De stam begon het jaar met het jaarlijkse eeuwfeest, de
verjaardag van de stam. Dit vond plaats bij het boshuis te Drie
en het Solse Gat, daar kwam de stam in contact met de God Irmin.
Rond 1975 kon de stam beschikken over een 22 meter lange
Klipperaak “Linguenda” van Edmond van der Well. Met dit schip
werden in deze jaren diverse boottochtjes ondernomen.
22 februari was er in Hulshorst de B.P. wandelmars. In mei mocht
er weer een patrouille meedoen aan de landelijke patrouille
wedstrijden. De patrouille Antilopen, met o.a. Martijn Stöfsel
als PL en Andres Dynna als laatste man, wist daar met een minium
verschil met nummer twee de derde prijs binnen te halen van de
52 patrouilles. Het zomerkamp ging naar Neidingen. Er was dit
kamp ook voor het eerst een kampkrant. De welpen gingen dit jaar
wederom op kamp in Staverden.
Klaas Bil verteld: Een stormachtig winterkamp
In de tweede helft van de zeventiger jaren werd er elk jaar rond
Oud en Nieuw een gezamenlijk kamp van Leiding en Stam gehouden.
In de eerste januari-dagen van 1976 kampeerden we bij Spa in
België, aan de rand van een dikke-bomen-bos. We gingen de eerste
avond stappen in Spa (en dronken wat anders). Toen we bij ons
kamp terugkwamen, regende het en er woei een hevige storm die
sommige tenten bol blies. Bij het licht van autokoplampen zetten
we die tenten met de kont in de wind, zonder ze af te breken,
maar door met man en macht alle afspanpunten beet te houden en
de hele tent te draaien. Ik weet nog dat ik mijn VW Kever naast
de tent zette als beschutting tegen de storm, maar dat ik ‘s
nachts wakker lag, bang te wezen dat de storm hem op zou pakken
en op de tent blazen. Dat gebeurde gelukkig niet. De volgende
ochtend woedde een sneeuwstorm, maar maakten we niettemin een
ochtendwandeling. Wie schetst onze verbazing?! Waar de vorige
dag nog een dikke-bomenbos stond, was nu een vlakte! De helft
van de bomen was ontworteld, de andere helft afgeknapt. Slechts
een enkele boom stond nog overeind. Ontzet klommen we over de
stammen. Later hoorden we dat dit een van de “stormen van de
eeuw” was...
Het leiding/stamkamp ging in
1976 naar Spa in Belgie (zie
verhaal Klaas Bil). In 1976 werden tijdens de H.I.T. de
Houtduiven eerste bij de groepshike. Misschien kwam dit wel
omdat de leiding van de Irmin deze hike mede organiseerde? Bij
de welpen kwamen Ferry Kernkamp en Loes Bosch de leiding
versterken. Het zomerkamp van de verkenners ging dit jaar naar
Meppen in Drente. De temperatuur was iedere dag boven de 30º C.
Het hoogtepunt was een 2 daagse loop/fietshike over de
Dwingelose heide.
Het vervoer ging met een vrachtwagen van de firma van den Brink.
De welpen kampeerden ook dit jaar weer bij Staverden.
Op de boeldag stond de Irmingroep weer zoals gewoonlijk weer met
het traditionele katapult schieten met knikkers op lege flessen.
Eind 1976 gingen de verkenners ook een keer varen met de
klipperaak van Edmond van der Well.
Het inmiddels traditionele leiding/stam weekend ging eind
december helemaal naar Kopenhagen.
Herinnering van Martijn Stöfsel: ZK Meppen
Met een kleine groep PL’s en leiding fietsten we vanuit Ermelo
naar Meppen, waar groepsleider Staals en familie al aanwezig
was. Na een lange en vermoeiende fietstocht kwamen we midden in
de nacht aan, waarbij Hopman Staals ons iets te warm ontving.
Het kokende water voor de thee, kreeg ik over mijn been. Nog
voor het zomerkamp begonnen was...
In
1977 nemen neemt de groep tijdens de traditionele
Boerenkoolmaaltijd met veel dankwoorden en geschenken afscheid
van Dhr. en mevr Staals. Dhr. Staals verhuisd naar Steenwijk.
Begin april haalde de stam een stunt uit door alle borden van de
Drieërweg en het Boshuis Drie te veranderen in Thriërweg en
Boshuis Thri.
De groepshike was al grotendeels in Irmin handen maar ook de
organisatie van de Districts-patrouille/ronde wedstrijden was in
1977 voor een belangrijk deel in handen van de Irminners (stam).
Helaas deden onze patrouilles het niet zo goed, de Antilopen
werden 20e terwijl de Houtduiven op een 7e plaats eindigden. Van
2-15 juli zaten 12 verkenners, 5 leiding en 4 “burgers” in
Schotland. Hoewel de reis wat onderschat was, werd het toch een
geslaagd kamp met als hoogtepunten: de 2-daagse zwerftocht,
Edinburgh, ontmoetingen met andere padvinders, avondspel en 3
uurtjes Londen. In september gaan de stam en de leiding naar de
Scout-In bij Ommen.
Bij de leiding van de welpen gaat het dit jaar niet goed. Door
“omstandigheden” gaat het zomerkamp niet door. In september
verlaten Akela Kernkamp en Baloe Wijchman de horde.
Daarvoor in de plaats komen Akela en Baloe Bannink. Op 22
oktober wordt de nieuwe groepsvoorzitter dhr. Hensen gelijk met
Akela en Baloe Banink geïnstalleerd.
Herinneringen van Martijn Stöfsel:
- Boomstammen vervoeren. Midden jaren zeventig kregen we een
aantal prachtige lange boomstammen, van wel 10-12 meter, waarmee
torens gebouwd konden worden. Het enige probleem was dat ze
helemaal aan de andere kant van Ermelo lagen op de Groevenbeekse
Heide. In een mooie samenwerking tussen de bakfiets, die ik toen
had, en de Renault 4 van Hopman Staals, zijn de bomen toen
vervoerd:
Het voorstuk in de geopende achterbak van de Renault, dan 10
meter alleen maar boom, en dan het achterstuk op de bakfiets.
Zo, allebei even hard rijdend, zijn we dwars door Ermelo
gereden.
- Dropping (1977?): Tijdens een nachtelijke dropping tijdens een
kaderkamp (4 koppels) werden we eerst gebeld door de politie van
Nunspeet.
Ze hadden twee jongens opgepakt die de wachtkamer van het
station Hulshorst zo op stelten hadden gezet, dat de beheerder ,
die erboven woonde, wakker was geworden en de politie had
gebeld. Korte tijd later nam de politie van Harderwijk contact
met ons op, dat ze twee jongens van de snelweg hadden opgepakt,
die stonden te liften bij Hulshorst, richting Zwolle!!!
- Externaliseren: Ik herinner me hoe vroeg het mechanisme van
externaliseren ( de schuld niet bij jezelf leggen, maar
daarbuiten) zich al voordoet tijdens de talloze malen dat ik
verdwaald ben, was altijd mijn eerste gedachte: “De kaart klopt
niet meer!”
In januari van
1978 wordt Uko Uil bij de welpen geïnstalleerd
als Hathi. De B.P. wandelmars was dit jaar in Ermelo. Een leuke
traditie uit deze jaren was dat de welpen rond Pasen paashaasjes
met paaseitje maakten en deze dan bijv. naar het bejaardenhuis
brachten. Dit jaar was de kinderafdeling van Salem aan de beurt.
Toen het zover was kwamen ze daar met 22 welpen en 32 bakjes
(een paar reserve) op de kinderafdeling aan. De zusters lachten
zich rot, want er lagen maar 8 kinderen! Na enig overleg werd de
afdeling intern verrast met de geschenkjes.
Cor Koppies, de jachtopziener is jaren een graag geziene gast
bij de Irmingroep geweest.
Hij verzorgde jaren iedere maand een leuk stukje over de natuur
in de Irminplus en de welpen gingen ook dit jaar in april met
Cor de natuur in.
4 mei was er ook weer de dodenherdenking. De Irmingroep heeft
jarenlang samen met de andere scoutinggroepen uit Ermelo hier de
wacht gehouden totdat we een jaar of 10 geleden opeens niet meer
nodig waren en de militairen het overnamen. Het zomerkamp ging
dit jaar naar Zeddam. Dit kamp had de indianen als thema. Alle
ouders hadden stiekem een pakje gemaakt. De verkenners hadden
een indianennaam die het hele kamp gebruikt werd en de
patrouilles waren stammen. De plaatselijke dokter moest overuren
maken door o.a. een gebroken arm en een lichte hersenschudding.
Aan het einde van het jaar werd er weer het leiding/stamkamp
gehouden op de hellingen van de Alpen bij St.Gallen aan de
oevers van het Bodenmeer.
In april
1979 was er ook de traditionele St. Jorisdag, een
gezamenlijk postenspel waarbij met een vlot de plas van Beek
moest worden overgestoken en er diverse verkenners het water in
vielen. ‘s Avonds had de staf pannenkoeken gebakken voor de hele
groep, meer dan 180 stuks. Daarna was er het St.Joris kampvuur.
Het welpenkamp was dit jaar het laatste weekend voor de
zomervakantie. Het werd gehouden bij ons eigen troephuis. De
verkenners gingen dit jaar op zomerkamp naar het Belgische
Schönberg in de Ardennen. Dit kamp was in het teken van de
Grieken. De Goden (leiding) waren van de berg Olympus afgedaald
(met behulp van een enorme rookontwikkeling) om van de barbaren
(verkenners) nette griekse burgers te maken. De goden hadden het
weer zelf niet helemaal in de hand, hun kampement kwam na zware
regenval kompleet onder water te staan.
Halverwege dit jaar gaat het slecht met de stam, het idee van
een stam is al zover weggezakt dat er bijna gaan redden meer aan
is. Een poging van de groepsvoorzitter J. Hensen om de stam aan
het einde van het jaar nieuwe leven in te blazen lukte net op
het nippertje.
Herinnering van Martijn
Stöfsel: ZK Schönberg
Het thema was Griekenland. Het kamp lag in een weiland naast een
hoger liggende asfaltweg. Het was een druilerig en nat kamp. Bij
de opening zou Hopman Nieboer met een rookbom een rookgordijn
leggen en uit die rook zou de rest van de leiding in Griekse
kostuums (een laken en sandalen) te voorschijn komen. Thuis
hadden we prachtige kostuums voorbereid. Alles ging goed, behalve
dat het verrekte koud was in die lakens en dat wij als leiding
toen de rook optrok nog hinkend op de asfaltweg rondliepen. Wat
bleek, door het lopen op de asfaltweg, sleten de banden van de
sandalen binnen een paar meter door. Weg mooie opgang.
In januari
1980 neemt hopman Nieboer afscheid van de verkenners.
Zijn plaats wordt overgenomen door hopman v.d. Velde. In de
paasvakantie gaan alle welpen naar de bruiloft van Hathi Uil. Er
is zo’n grote groep welpen dat er zelfs een wachtlijst is
ontstaan. De verkenners gaan dit jaar op zomerkamp naar Borculo.
Het thema is Noormannen. De nieuwe hopman is hiervoor razend
druk geweest met het lijmen van koeiehorens op bouwhelmen. Na
het zomerkamp veranderde het grootste gedeelte van de leiding.
Martijn Stöfsel, Hans de Boer, Bram van Beek en Rob Boerman
namen na vele jaren als vaandrig met de troep meegedraaid te
hebben afscheid. Hiervoor kwam een totaal nieuwe jonge groep
leiders in de plaats. De PL’s Richard Huisman, Andres Dynna en
Theo de Vries werden na het zomerkamp meteen leiding. De oude
leiding heeft in deze tijd nog een speciale club gehad n.l.
J.O.L.I.G. (Jonge-Oud-Leden-Irmin-Groep). Lang heeft deze club
echter niet bestaan. Dit jaar deed de groep ook al mee aan de
Jantje Beton-collecte, er werd ruim 560 gulden opgehaald.
In november hadden de verkenners een winterkampje. Door
contacten met de gemeente Nunspeet konden we in deze jaren
gebruik maken van een uniek stukje bos met een mooi vennetje op
de Westeindse heide bij Nunspeet.
De stam die uiteindelijk toch uiteen viel is samen met de
groepsleider J. Hensen weer heropgericht. Een hele nieuwe
generatie wil proberen de stam weer op poten te krijgen. Dhr. J.
Huisman wordt de nieuwe stamadviseur.
Aan het einde kwam er een nauwe samenwerking tot stand met de
TAWEB. Voortaan zouden de twee groepen een gezamelijk groepsblad
uit gaan brengen.
1981
Deze samenwerking mondde ook uit in
gezamenlijke kampen zoals in
mei 1981. De oude verkennersleiding had nog èèn keer een kamp
georganiseerd. Beroemd is de film van Klaas Bil over de “Wilde
Bil”. De welpen hebben vlak voor de vakantie weer een eigen
weekendkamp.
Het zomerkamp van de verkenners speelde zich af in Eerde bij
Ommen. Het kamp was in thema van de pioniers van het wilde
westen. Elke patrouille werd een town: Ghost-town, Ska-town en
Falcon-town. De hike bracht ons bij de Lemelerberg en werd
gewonnen door Peter van Dam en Bernard Tenbroek. Het was de
afgelopen jaren traditie geworden dat er ieder zomerkamp een
ongeluk gebeurde. Jan-Willem Huisman viel uit de kabelbaan en
bezeerde zijn voet.
Na het zomerkamp werd er door het overkomen van 8 welpen weer
een vierde patrouille opgericht. Deze patrouille kreeg de naam
Sperwers. In het najaar was er weer een gezamelijk kamp met de
TAWEB op de Westeindse heide. Wat een regen!
Op 16 november krijgt de Irmingroep er weer een nieuwe speltak
bij. Gert van Dam, Jan-Peter Wagenmakers, Erik Mooy en Yung-Hee
van den Born richten een Rowanafdeling op. Dhr. Bannink die al
eens Baloe bij de welpen geweest is, wordt de nieuwe
Rowanbegeleider.
Op 6 maart
1982 wordt de nieuwe rowanafdeling
geïnstalleerd door
de districts speladviseur.
In dit jaar wordt er door de Irmingroep een grote
schoonmaakaktie in Ermelo georganiseerd. De Rowans nemen in mei
de redactie van de Irminplus over. Vlak voor de vakantie stopt
dhr. Bannink als rowanadviseur. Dhr. Huisman de stamadviseur van
het inmiddels op non-actief gestelde stam neemt het van hem over.
Het zomerkamp van de verkenners wordt dit jaar gezamenlijk met de
TAWEB padvindsters georganiseerd. Ze gingen weer naar Zeddam.
Het thema was wederom ook weer indianen. De 3 rowans hadden
als eerste zomerkamp een trektocht naar Zeddam. Ze liepen in 3
dagen heen, bleven een paar dagen op het zomerkamp van de
verkenners en liepen in drie dagen weer terug. Een groot
avontuur.
In september gaan de welpen ook weer een weekend kamperen bij
het troephuis.
Eind 1982 werd de samenwerking tussen de Irmin en TAWEB minder.
Het gezamenlijke zomerkamp was toch niet helemaal geworden wat ze
ervan verwacht hadden.
In het eerste nummer van de Irminplus van
1983 doet de TAWEB
niet meer mee aan het gezamenlijke groepsblad. In februari hadden
de verkenners een gezamenlijk winterkamp met de rowans. In juni
organiseerden de rowans op de Westeinderheide een spannend
welpenkamp, met als thema “stropers”. Dhr. Borra die onze nieuwe
groepsleider wordt i.p.v. dhr. Hensen speelde als boswachter een
belangrijke rol mee.
De verkenners en rowans gaan dit jaar gezamenlijk op zomerkamp
naar Schönberg in Belgie. Het thema was riddertijd. In
tegenstelling tot een paar jaar geleden toen het enorm regende
was het nu bloedheet. Tijdens de hike werden de posten door de
rowans bemand, verder draaiden ze een eigen programma.
In maart
1984
werd er door de verkenners en de rowans een
houthakkerskamp georganiseerd. Dhr. Borra die bij
staatsbosbeheer werkte had een stuk bos geregeld waar wij ons
eigen pionierhout konden hakken. We kampeerden op de
staatsbosbeheer camping achter Boshuis Drie.
In augustus was er weer het zomerkamp van de verkenners en de
rowans. Deze keer in Lage Vuursche. Het thema was “de Oertijd“.
In september organiseerden de rowans wederom een mini-zomerkamp
voor de welpen. Het thema was “Donald Duck“”. Wat hebben de
welpen lopen zoeken naar het geluksdubbeltje van oom Dagobert
dat gestolen was door de zware jongens. In oktober van dit jaar
kregen de rowans eindelijk een behoorlijk rowanhok. De
verkenners moesten wel een stukje van hun ruimte hiervoor
inleveren.
In
1985 veranderd er wat op bestuurlijk niveau. Dhr. Borra
verlaat de groep als groepsleider, hij wordt opgevolgd door dhr.
Huisman. Uit het bestuur zullen de vroegere hopman Visser, en
dhr. Bil en dhr. Nieboer het bestuur verlaten. Daarvoor komen
dhr. de Vries (voorzitter) en en de heren Oudshoorn en Haverlag
in de plaats.
Het zomerkamp van de verkenners vindt plaats in Stokkum. Het
thema was de romeinen. Van de rowans zijn Maarten, Gert en
Jan-Peter inmiddels ook verkennersleider geworden, zodat de
rowans ook dit zomerkamp nog mee gaan. In september viert de
groep het 40-jarig bestaan met een open dag in september. Dit
jaar doet de Irmingroep ook voor het eerst mee aan de Jamboree
On The Air. Daarvoor kunnen zij de sporthal van Groot-Emaus
gebruiken.
In
1986 wordt het verkennerszomerkamp gehouden in Vledder. Het
thema is de Egyptenaren. Hoogtepunt is de hike, waarbij onder
leiding van Dr. Indiana Jones gezocht wordt naar de verdwenen
farao. De welpen hebben dit jaar een zomerkamp dat weer door de
rowans was georganiseerd. In de Harskamperdennen werd er heel
wat afgesmurft. Na het zomerkamp wordt Andres rowanbegeleider en
vervangt dus dhr. Huisman die nu groepsvoorzitter is geworden.
In dit jaar beginnen ook al de akties voor een nieuw clubhuis.
Het was eerst de bedoeling een appart gebouw naast het bestaande
neer te zetten voor de rowans en de stam. Maar hoe het inmiddels
geworden is dat weten we wel.
Om het geld bijeen te brengen hadden we dit jaar voor het eerst
een Triatlon, de scouts moeten zwemmen, fietsen en hardlopen en
daarvoor sponsors zoeken bij bekenden en familie. Mede doordat
ouders de talenten van hun kinderen sterk onderschatten kregen
we een leuk bedrag bijeen. Andere acties waren de Jantje Beton
collecte en later de stroopwafel en de obligatieactie.
Dit jaar wordt ook de Thristam weer heropgericht. Uko Uil die de
welpen heeft verlaten wordt nu stamadviseur van de nieuwe stam.
In
1987 stopt hopman van der Velden met de verkenners. Om het
zomerkamp toch door te laten gaan gaat Uko Uil met de verkenners
op zomerkamp. Dat is dit jaar in Borkel bij Valkenswaard. Het
thema is de Grieken.
De rowans gaan dit jaar op een soort luxe vakantietrip naar
Luxemburg. Na het zomerkamp gaan we snel op zoek naar een nieuwe
hopman. Aart Nikkels wil het wel proberen (want, zo werd
verteld, hij had bij de commando’s gezeten!)
De welpen helpen tijdens het zomerkamp Robin Hood in de
Harskampse woods.
Eind 1987 verlaten dhr. en mevr. Luiting onze groep. Mevr.
Luiting was al vanaf het begin van de oprichting actief bij de
groep, waarvan vele jaren als Akela en de laatse tientallen
jaren als penningmeester. Dhr. Luiting is vanaf het eerste
gebouw ruim 33 jaar beheerder van het troephuis geweest.
Begin
1988
gaan de verkenners op winterkamp naar Drie met de
kersverse hopman. Koud dat ie het had! Het zomerkamp van de
verkenners vindt plaats in Daarle. voor het westernthema
omgedoopt in Daarlington. Van lakens was er een heel stadje
gebouwd compleet met bank, store en saloon. Bij de store moesten
de verkenners fourageren en betalen met dollars, voor de
programma’s konden de verkenners dollars verdienen of verliezen.
De patrouille of Ranch die aan het einde de meeste dollars over
had won het kamp. Ook de welpen waren in wild-west stemming. Het
thema in de Harskamperdennen was Lucky Luke.
De rowans gaan dit jaar op zomerkamp naar Limburg. Dit jaar
krijgen de rowans er een tweede rowanbegeleider bij: Sieto
Romkes.
In
1989 was er een kort zomerkamp omdat het niet lukt tijdens de
zomervakantie een zomerkamp te organiseren. Het werd steeds
moeilijker omdat de ouders steeds langer op vakantie gingen en
de kinderen dan mee moesten. Daarom een kort zomerkamp in Epe of
Epystan zoals de sultan het plaatsje had omgedoopt. Alles was in
het thema van Perzie. Ook de hopman werd in dit kamp
omgedoopt....
De welpen hadden wederom in Harskamp een geweldig kamp en de
rowans gingen kamperen in Luxemburg.
In het jaar
1990
krijgt de groep een nieuwe beheerder. Andres
Dynna neemt het beheer over van dhr. Schipper. De verkenners
gaan dit jaar weer naar Eerde op zomerkamp. De rowans gaan
ietsjes verder de Noordzee over naar Engeland. Na een paar
daagjes Londen trekken ze verder naar Wales waar ze o.a.
bergklimmen en een tocht op mountainbikes rijden. Dit jaar gaan
de welpen op zomerkamp naar Heerde, Astrix en Obelix hakten daar
de romeinen nog een keer de pan in.
De stam organiseert in
1991 voor het eerst de jongerenhike van
de HIT in Harderwijk. Voor scoutingleden boven de 18 wordt een
route uitgezet met allerlei spectaculaire posten. Dit wordt een
stambezigheid die de stammerds komende jaren flink bezighoud.
In 1991 ploeteren de verkenners nogmaals door het woestijnzand
in Vledder. De Egyptenaren hield de Irmin weer in de ban. De
welpen gaan naar het scouting centrum Buitenzorg in Baarn waar
Bram van Beek, een oud Irminlid, beheerder is. Het kamp stond in
teken van de tijd van Koning Arthur. Natuurlijk was Merlijn de
Tovenaar, ook aanwezig. De rowans die dit kamp wederom
organiseerden gingen zelf dit jaar naar Limburg.
De Flinstones kwamen in
1992 weer tot leven tijdens het
zomerkamp van de welpen in Heerde. De verkenners konden door te
weinig deelname dit jaar niet op zomerkamp. Daarom was er in het
voorjaar een grote trektocht. 4 dagen zwerfden de verkenners
over de heide van de Holterberg, een gedeelte ging zelfs per
kano over de Vecht.
Zomaar kamperen in het bos lang het Pieterpad. De rowans maakten
in Dinant (Belgie) de omgeving weer onveilig, zelf hun tent kwam
niet meer heelhuids terug..... Andres Dynna vertrekt dit jaar om
zich volledig te gaan bezighouden met het beheer van het
troephuis. Sieto Romkes neemt de rowans van hem over Er gaat namelijk veel gebeuren. Er wordt een
bouwcommissie samengesteld die de voorbereidingen van een nieuw
clubhuis gaat voorbereiden.
De welpen moeten het in
1993 tijdens hun zomerkamp zonder thema
doen. De groep is druk bezig met de voorbereidingen van het
nieuwe clubhuis. De groep kampeert dit voorjaar voor het laatst
in en bij het oude troephuis tijdens het eerste groepskamp..
De verkenners gaan op zomerkamp naar Stokkum. Het thema is de
Romeinen. Vooral de worsten in Emmerich (Duitsland) waren een
succes. De rowans blijven in eigen land en gaan op een feest- en
discotrip naar Valkenburg.
En dan september 1993. We hebben ons eigen clubhuis afgebroken.
De groep heeft een jaar lang geen onderkomen. De welpen wijken
uit naar het clubgebouw van de TAWEB en de rest van de groep
maakt overuren bij het clubhuis.
Begin
1994 begint er dan eindelijk een nieuw gebouw op te rijzen
aan de kalkoenweg. Een lange winter vertraagd de hele bouw en
het gebouw is op het nippertje klaar voor de zomerverhuur. De
welpen gaan dit jaar niet op kamp, maar gaan daarvoor een dagje
naar het Dolfinarium in Harderwijk.
Dit voorjaar gaat er bij de Irmingroep een nieuwe speltak van
start. De Bevers is een nieuwe speltak voor jongens en meisjes
van 5, 6 en 7 jaar. Het spel speeld zich af in Huize
Hotsjietonia het huis van Lange Doener. Annemarieke Luiting, zus
van onze Hopman Nikkels, wordt de leidster bijgestaan door o.a.
Roeland Stoter die de rol van Lange Doener gaat spelen.
De verkenners maken een trektocht van 8 dagen dwars over de
veluwe. Ruim 80 kilometer wordt er gelopen! De rowans gaan dit
jaar onder leiding van Eco naar Belgie.
En dan eindelijk na een jaar hard werken is er in oktober de
opening van ons nieuwe clubhuis.
In 1995 werd het 50 jarig jubileum groots
gevierd met een Open dag, reuni en een jubileumkamp. De
verkenners zijn samen met de padvindsters van de TAWEB op
zomerkamp geweest naar Texel. Het thema was Schateiland. In het
Juttersmuseum was een echte schat verstopt. Na het zomerkamp
neemt Aart Nikkels afscheid als Hopman. Hij gaat voortaan de
Rowans begeleiden. Jan van Looijengoed neem de taak van Hopman
van hem over.
Tijdens de Fries-Hinderloopsche Tjierlflepper zeilrace te
Lemmer heeft de tweemastklipper ‘Hollandia’ een 7e plaats weten
te bemachtigen. Vooral door het strakke schilderwerk van de
Ermeloosche Schilderscouts (stamleden) ging de klipper als een
Harderwijkse dolfijn door het water. In het najaar was er alweer
een verbouwing aan het pas nieuwe clubhuis. In het verkenners en
het rowan/stamlokaal werd een extra verdieping gebouwd. De
bevers hadden nu eindelijk een eigen lokaal. In het rowan/stamlokaal
werd een echte bar gebouwd.
In Juni 1996 namen Akela Bannink ( na bijna 20 jaar!) en Oubaas
Huisman tijdens het groeps eindkamp in Maarsen afscheid van de
groep. Akela Nico van Leeuwen en de nieuwe Oubaas Louis Kuypers
namen hun plaatsen in. En dat hebben ze geweten, want zoals
gebruikelijk was de vuurdoop niet mals. Eierstruif, water en
zand deed hen veranderen in echte zandhazen.
In mei gingen de welpen op kamp naar de Harskamperdennen. Drie
dagen kamperen in tenten en spannende dingen doen. Zoals
kabelbanen maken, tochten lopen en in het donker de boze Jafar
vangen. Het Alladinkamp was een groot succes. Het zomerkamp van
de verkenners niet door, maar de verkenners waren wel met
pinksteren naar het Intercamp in Grobbendonk (België) geweest.
De Rowans gingen dit jaar op zomerkamp naar Luxemburg.
1997
Welpenkamp gingen op kamp naar Gorsel.
Het thema was strips.
De verkenners en rowasn zijn niet op zomerkamp geweest. De
rowans hebben daarvoor in de plaats wel een weekend Maastricht
onveilig gemaakt.
Eind 1997 vertrekken Hopman Jan van Looijengoed en Oubaas Louis
Kuypers. Hans de Vries neemt de taak van Hopman op zich.
1998
De Irminplus bestond 25 jaar. Het welpenkamp in
't Harde stond in het teken van Robin Hood . De verkenners
hadden weer eens een echt zomerkamp in Eerde bij Ommen met als
thema Wild West. De rowans gingen dit jaar naar Middelburg in
Zeeland.
De stam viert dit jaar dat ze 25 jaar
bestaan en gingen een gezellig weekend naar Groningen om Wad te
lopen.
1999
Zomerkamp verkenners in Epe? Nieuwe Akela
Alexande Borst? De TAWEB trekt in bij de Irmingroep. Eind van
dit jaar wordt er eindelijk weer een nieuwe Oubaas gevonden.
Eddy van Beek zal deze taak op zich gaan nemen.
2000
Na het zomerkamp stopt Hans de Vries
met de verkenners en Andres Dynna neem (tijdelijk....) de taak
van Hopman op zich. In oktober wordt besloten dat de TAWEB zal
samengaan met de Irmingroep. De welpen gaan op zomerkamp naar 't
Harde. Het Kookboek met speciale recepten en de Gouden Pollepel
van Chefkok To zijn gestolen. Sinterklaas komt in porche.
2001
Op 1 september zijn de Irmin- en Tawebgroep gefuseerd.
Welpen: Voor het volgende seizoen maarliefst 4 nieuwe leiding erbij, nog vers van de rowans. Wout Bremer, Jeroen Burgers, Wim Ederveen en Johan Noordegraaf, hun namen zouden Baloe, Hati, Mang en Chil worden. Het zomerkamp is dit jaar op het buitenzorg terrein te Baarn met als thema circus. Hier draait een deel van de nieuwe leiding voor het eerst gedeeltelijk mee.
2002
Welpen: Onze leiding Esther Borst (Baghera) krijgt een ere speldje voor haar jarenlange inzet voor de groep. Het zomerkamp stond dit jaar in het thema van Robin Hood waarbij de gemene sheriff van Nothingham de mooie lady Marian ontvoerd had. Tijdens dit kamp (hoewel ze al een seizoen meedraaiden) was ook de ontgroening van de nieuwe leiding. Wout (Baloe), Jeroen (Hati), Wim (Mang) en Johan (Chil) moesten een geblinddoekt traject afleggen en kregen menig eieren om hun oren voordat ze echt als leiding werden geaccepteerd.
In 2003 hebben de verkenners op een dag een hoge zandlopertoren gebouwd. Deze is erg mooi geworden. De RSW (regionale scouting wedstrijden) word gewonnen door de verkenners, de 2e plaats word tevens opgeëist door de Irmin!
Welpen: Mariska (Raksja) verlaat dit jaar helaas de welpenleiding en trouwt met de toenmalige hopman Andres. Gelukkig is Shirley Bijdevier bereid haar taken over te nemen onder dezelfde naam (Raksja dus). De BP tocht rondom Ermelo met de gebruikelijke boerenkoolmaaltijd, was weer een groot succes. Sherlock Holmes had dit jaar bij het zomerkamp de hulp van de welpen nodig om de beroemde gestolen blauwe diamant terug te vinden.
2004
In dit jaar hebben de scouts een ijskoud winterkamp. Hierbij maken ze kennis met een nieuw stukje techniek, het lopen van gps routes.
Ook zijn er in 2004 de eerste gezamenlijke programma’s van Irmin en Taweb. Zo gaan de verkenners en padvindsters samen op zomerkamp naar het Luxemburgse Wiltz. Dit bevalt goed en in 2005 gaan de verkenners en padvindsters dan ook samen. Ze heten dan scouts.
Ook zijn er weer successen bij de RSW.
Welpen: Monique (Kaa) neemt afscheid van de welpen. Het zomerkamp staat dit jaar in het teken van Asterix en Obelix die met de hulp van de welpen de gemene Ceasar moeten verslaan.
2005 is een jaar vol gebeurtenissen bij onze club. De padvindsters en verkenners gaan steeds vaker samen programma’s draaien. Vanaf het zomerkamp in het Drentse Beilen zijn ze helemaal samengevoegd. Wanneer de scouts in Beilen zitten, zitten de explorers in Heerlen. In 2005 is er ook een andere happening. Irmin bestaat 60 jaar! Dit hebben we uitgebreid gevierd met een open dag. Hier waren o.a. een hoge, eigen gemaakte, abseiltoren en een grote kabelbaan. De welpen konden spelletjes doen en er was veel belangstelling. Dank gaat uit naar alle die dit mogelijk hebben gemaakt.
Welpen: Wim en Johan (Mang en Chil) zijn er het grootste gedeelte van het jaar niet bij omdat ze Nieuw Zeeland en Australie aan het verkennen zijn. Het zomerkamp gaat dit jaar naar Zeewolde waar de welpen samen met Peter Pan een spannend avontuur beleven.
In 2006 zijn, met name, de explorers druk geweest met een samenwerking tussen scouting en de stichting opkikker. De ernstige ziekte van een lid van ons zorgde voor de organisatie van een asterix en obelix feest. Dit bij wijze van opkikker voor de familie en andere bekenden. Na een dag vol leuke dingen verzorgd door stichting de opkikker was er in het clubhuis het grote feest. Helaas is hij 21 mei overleden. Onze gedachten gaan uit na iedereen die hem lief heeft.
Verder zijn er werkzaamheden aan en rondom het clubhuis geweest. De explorers hebben o.a. een nieuw hek gebouwd.
De zomerkampen ging voor de scouts naar Steensel, Noord-Brabant, en voor de explorers naar Maastricht waar ze een week lang flink hebben kunnen genieten van hun eigen zwembad. Sander van Diesen trekt zich terug als begeleiding van de explorers. Remco van Hout draaide al sinds het jaar ervoor mee als begeleiding en zal de taken van Sander dan ook overnemen.
Welpen: Dit jaar was het bezoek aan Snow Village, waar de welpen met grote rubber banden van een sneeuwhelling naar beneden konden glijden en daarna lekker konden zwemmen, weer een groot succes. Het zomerkamp is dit jaar een kokskamp en vindt plaats in Zeewolde. De maaltijd hebben de welpen dan ook zelf gemaakt. Wraps met allerlei lekkere dingen erbij.
2007 was het jaar dat ons houthok toch echt inzakte. De hele zomer is er met man en macht gewerkt om na jarenlange voorbereiding een gloednieuw hout- en materiaalhok neer te zetten. Op 3 november is deze officieel geopend.
De scouts hielden dit jaar hun zomerkamp in Velp, terwijl de explorers een dikke week in het Zeelandse Aardenburg hebben doorgebracht. Ook is Simone Griffioen sinds januari het team van de explorers komen versterken als vrouwelijke begeleidster. Hugo is leiding geworden bij de scouts.
Welpen: Marjan Loedeman (Mor) stopt helaas met leiding geven bij de welpen maar blijft aan op “oproep basis”. De verlaging van leeftijd voor het overgaan naar de volgende speltak is ingevoerd waardoor een groot deel van het kader naar de scouts ging. Het kaderkamp is daarom niet doorgegaan en in plaats daarvan zijn de welpen met alle jeugdleden op de hei gaan slapen.
In 2008 zijn er ook weer veel dingen gebeurd. Allereerst is er een wissel geweest in het bestuur. We hebben afscheid genomen van bestuursleden Uko Uil en Jaap Zwijnenburg . Wim Borst heeft de taak als voorzitter overgenomen en Lianne Wolzak is de nieuwe secretaris. De ledenadministratie is bij de taak van penningmeester ondergebracht. Ook zijn er weer een aantal leden leiding geworden, Jasper en Stephanie bij de welpen en Hilde bij de scouts. De welpen hebben dit jaar een zomerkamp gehouden in Putten. Zowel scouts als explorers hebben hun zomerkamp buiten de landsgrenzen gehouden. Ze gingen naar Wiltz respectievelijk Ettelbrück in Luxemburg.
Dit verhaal is geschreven door: Martijn Stöfsel (welpen tot
1970), Theo de Vries (verkenners tot 1973) en de rest door
Maarten Romkes. Vanaf 2000 is het aangevuld door Johan Noordegraaf, Jasper Vijfhuizen & Michel Huisman.
Bijdragen zijn geleverd door Bram van Beek, Martijn Stöfsel,
Klaas Bil, Siebe Visser, Bernard Luiting en Klaas Wijchman.